X hits on this document

456 views

0 shares

0 downloads

0 comments

34 / 113

ARLECCHINO

Géén grotten of spelonken :

geheimen hebben nood aan sterke, bovenwaartse luchten,

over land hebben zij  toch niets meer te bereiken.

Géén straathoeken of perrons :

te openbaar : wat al te zichtbaar wordt behoort op de duur meer het oog dan het hart.

Een "dráágbaar oord" zou natuurlijk praktisch zijn :

het hart bijvoorbeeld, linkerbovenkamer ingericht voor twee...

Maar géén privéruimten :  die zijn al te gestroomlijnd.

Wél bij klimop of wilde wingerd :

die flansen verhaaltjes over aanhankelijkheid in elkaar,

en leren het "verslingerd-zijn", of de a-clematisatie !

Een fontein is een "waterstandbeeld",

een standbeeld is een "steenfontein",

wat een voorbeelden !

Ópen plekken ?

Niet altijd :

in het ijs : wak,

in het circus : piste,

in het bos : clairière, rode,

in weefsel : gaal,

in je ziel : je lijf,

in jezelf : het hart,

in je hart : vooralsnog zíj.

Op een meridiaan ?  Noodzakelijkerwijs !

Eender waar, maar halverwege, zoals elke ontmoeting.

Vijvers, koepels, hemels : alles wat weerspiegelt.

Iets met trappen, of windingen : wendingen !

Bruggen natuurlijk : alle plaatsen die brúg zijn.

Kortom :

alle oorden die tegelijk wijds én nipt zijn,...

en alleen háár ziel voldoet aan ál deze vereisten.

Document info
Document views456
Page views456
Page last viewedTue Jan 24 03:36:48 UTC 2017
Pages113
Paragraphs3419
Words19762

Comments