X hits on this document

325 views

0 shares

0 downloads

0 comments

72 / 113

Mannen worden bovendien niet óuder, zoals wij : zij  verruimen hun ervaringsradius of : veranderen van levensfase en van vrouw..., en zij schatten bij elke vrouw voortdurend zeven jaren bij,

wachtend op haar rimpel die zijn huwelijkstrouw doet overlopen.

Ik ben zeven jaar zekerder van het verleden, maar zeven jaar onzekerder van de toekomst.

Heimwee naar de jeugd

is heimwee naar een toekomst.

We dragen al onze jaren tegelijk.

En ik ben zeven jaar jaloerser.

Ik draag zeven jaarringen meer in mij,

maar wee je geboomte, mijn jonge berk, als je –éénmaal vol van eigen loof- naar frisse blaadjes wuift, of iets ritselt met het struikgewas : ik ben zeven jaar wraaklustiger dan jij !

Jij hebt daarentegen zeven jaar goed te maken, dícht te groeien, waarop wacht je ? Ik verwacht altijd voor zeven jaar erbij !

Ik ben elk moment zeven jaar ongeduldiger  dan hij. Ik ben ook elke dag zeven jaar sterfelijker, dat tikt aan !

Maar die zeven jaar zijn om -  dag op dag zeven eeuwen zonder hem,

de zeven magere jaren zijn om  – slangenhuidjaren,

zeven eenzame, verschrikkelijke jaren,

en ik wil bij God niet dat hij díe inhaalt.

Document info
Document views325
Page views325
Page last viewedThu Dec 08 20:12:46 UTC 2016
Pages113
Paragraphs3419
Words19762

Comments