X hits on this document

355 views

0 shares

0 downloads

0 comments

3 / 58

BIJLAGE 3 (blz. 3)

HOOFDSTUK II

AANVRAAG VAN EEN VERGUNNING

Art. 2. § 1. Al wie wenst erkend te worden als erkend entrepothouder zoals bedoeld in artikel 5, § 1, 8° van de wet, dient, onverminderd de toepassings­maatregelen eigen aan ieder accijnsgoed, schriftelijk een aanvraag volgens het model en de aanduidingen opgenomen als bijlage 1 in bij :

- de directeur over het gebied van het belastingentrepot;

- de administrateur douane en accijnzen, onder de voorwaarden die hij bepaalt, indien het belasting­entrepot uit verschillende opslagplaatsen bestaat die van meerdere gewestelijke directies afhangen.

Dit model wordt eveneens gebruikt voor het indienen van de aanvraag voor de vergunning betreffende de rechtstreekse aflevering beoogd door artikel 16 van het koninklijk besluit.

§ 2. Al wie wenst erkend te worden als geregistreerde afzender zoals bedoeld in artikel 5, § 1, 11° van de wet, dient, onverminderd de toepassingsmaatregelen eigen aan ieder accijnsgoed, schriftelijk een aanvraag volgens het model en de aanduidingen opgenomen als bijlage 2 in bij de directeur over het gebied waar zich het hulpkantoor bevindt waar, overeenkomstig artikel 79 van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douane-wetboek, het in het vrije verkeer brengen plaatsvindt.

§ 3. Al wie wenst erkend te worden als geregistreerde geadresseerde zoals bedoeld in artikel 5, § 1, 10° van de wet, dient, onverminderd de toepassingsmaatregelen eigen aan ieder accijnsgoed, schriftelijk een aanvraag volgens het model en de aanduidingen opgenomen als bijlage 3 in bij de directeur over het gebied waar zich de plaats van ontvangst van de goederen bevindt.

Document info
Document views355
Page views440
Page last viewedFri Jan 20 22:56:30 UTC 2017
Pages58
Paragraphs1291
Words9808

Comments