X hits on this document

94 views

0 shares

0 downloads

0 comments

16 / 45

Opgemerkt moet worden dat het Verificatiebureau de uitvoering van de maatregelen heeft vastgesteld in het jaar van monitoring (de rode staaf), terwijl het besparingseffect pas in het jaar daarna in zijn volle omvang zichtbaar wordt (blauwe staaf) of zal worden. In het monitoring jaar zelf wordt met de geïmplementeerde maatregel in werkelijkheid dus een deel van de besparing gerealiseerd.

Artikel 17 van het Convenant verplicht het Verificatiebureau tot geheimhouding van vertrouwelijke gegevens. Daarom kan alleen op een geaggregeerd niveau een verklaring worden gegeven van de uiteenlopende factoren die de afwijkingen ten opzichte van de EEP’s hebben veroorzaakt.

De afwijkingen en de oorzaken ervan zijn per bedrijf bekend bij het Verificatiebureau en bij het bevoegd gezag.

In de chemische industrie hebben uitbreidingen plaats gevonden, maar anderzijds hebben fabrieken niet op volle capaciteit gedraaid. Voor meerdere inrichtingen is de EEI in 2001 duidelijk lager dan in het jaar 2000. Uit de monitoringrapporten heeft het VBE daarvoor diverse oorzaken kunnen vaststellen. Zo hebben enkele chemiebedrijven technische problemen gehad en is soms minder energie-efficient geproduceerd vanwege de dalende conjunctuur.

In de basismetaal heeft een aantal inrichtingen omvangrijke procesgeïntegreerde maatregelen doorgevoerd. Vaak gaat dit gepaard met strategische investeringen. In de EEP ’s zijn de betreffende maatregelen in fases verdeeld. De monitoringrapportages laten zien dat de maatregelen eerder zijn geïmplementeerd dan oorspronkelijk in de EEP’s was gepland, dan wel dat deze maatregelen een gunstiger effect hebben op het energieverbruik dan was begroot.

De raffinaderijen (sector ‘aardolieverwerking’) tonen voor 2000 en 2001 een toename in het energiegebruik en in de CO2 -emissie. Dit wordt deels veroorzaakt door turnarounds en strengere productspecificaties voor benzine en diesel. Omdat meer olie in plaats van gas is verstookt is de CO2 emissie relatief sterker gestegen dan het energieverbruik. De opbrengst van de uitgevoerde maatregelen blijft iets achter bij de voorspellingen die in de EEP’s zijn gedaan.

In de zetmeelindustrie is het benchmarkproces niet afgerond. Er zijn dus nog geen concept EEP’s waarin maatregelen worden genoemd, die gemonitord kunnen worden.

Binnen de papierindustrie wordt het beeld gedomineerd door enkele grote verbruikers die in 2000 en 2001 besparingen oogstten van omvangrijke strategische projecten die in de voorafgaande periode zijn gerealiseerd. Bij de meeste overige fabrieken is er een lichte daling van de efficiency. In deze sector is gemiddeld de helft van de voorziene maatregelen in uitvoering genomen. In de monitoringrapporten worden ook diverse ontsparingen gemeld die te maken hebben met de verminderde inzet van warmte kracht installaties. Deels waren deze ontsparingen als maatregelen voorzien in de EEP’s.

Monitoringrapportage Convenant Benchmarking 1999 – 2001Pagina 16 van 34

Document info
Document views94
Page views94
Page last viewedSat Dec 03 00:52:25 UTC 2016
Pages45
Paragraphs1502
Words7718

Comments