X hits on this document

105 views

0 shares

0 downloads

0 comments

3 / 45

2 SAMENVATTING

Volgens het Convenant Benchmarking moet jaarlijks worden gemonitord hoe de inrichtingen zich in het voorafgaande kalenderjaar op energie- en CO2-gebied hebben ontwikkeld. Daartoe dienen deelnemende inrichtingen jaarlijks - voor 1 april - een monitoringrapport in te dienen bij het Verificatiebureau en het bevoegd gezag.

Van de 234 toegetreden inrichtingen zijn in totaal 121 monitoringrapporten ontvangen en 117 zijn in dit rapport verwerkt. Ondanks het feit dat nog 50% van de rapporten ontbreekt, dekken de ontvangen monitoringrapporten wél ongeveer 84% van het energieverbruik van de toegetreden industrie en 74% van het energieverbruik van de toegetreden elektriciteits­productie­bedrijven.

Bevindingen bij toekomstige verificatie van monitoring rapporten kunnen mogelijk leiden tot bijstelling van de voorliggende monitoringrapportage.

In deze rapportage is onderscheid gemaakt tussen de energie-intensieve ‘industrie’ en de ‘elektriciteitsproductiebedrijven’.

De onderstaande grafiek laat zien dat de Energie Efficiency Index (EEI) zich bij de industrie heeft ontwikkeld van 100% in het referentiejaar 1999 tot 99,9% in 2001, terwijl voor het tussenliggende jaar 2000 de EEI 98,8% is geweest.

De Energie-efficiency Index (EEI) voor een industriële inrichting wordt bepaald door het gemeten energieverbruik over enig monitoring jaar te delen door het referentieverbruik. Het referentieverbruik is het energieverbruik, dat die inrichting gehad zou hebben, indien de productie van dat monitoring jaar gerealiseerd zou zijn met dezelfde energie-efficiency als in het referentiejaar het geval is geweest.

Een dalende index geeft aan dat de energie-efficiency verbetert.

Grafiek 6.3.    Energie-efficiency index in de industrie per monitoring jaar; exclusief de elektriciteitsproductiesector. Basis: 84% van geregistreerd  energieverbruik toegetreden inrichtingen (100% = 653 PJ/jaar)

Voor de industrie geldt dat zij over het algemeen de projecten uitvoert die afgesproken en gepland zijn in de Energie-efficiency Plannen (EEP’s). Dit blijkt uit de vergelijking tussen de ‘besparing’ en de ‘prognose’ die in onderstaande grafiek is weergegeven.

Monitoringrapportage Convenant Benchmarking 1999 – 2001Pagina 3 van 34

Document info
Document views105
Page views105
Page last viewedMon Dec 05 21:14:57 UTC 2016
Pages45
Paragraphs1502
Words7718

Comments